Door: Eric de Munck
Er zit ergens diep in mij een hardnekkig kind verstopt. Eentje die weigert volwassen te worden. Enerzijds omdat ik nul ambitie heb om enthousiast belastingaangifte te doen of met plezier een nieuwe stofzuiger uit te zoeken, maar vooral omdat het leven voor kids objectief gezien gewoon veel leuker is.
Ze hebben beter speelgoed, vrolijkere kleding en vooral: geweldige muziek. Gooi daar mijn zwak voor iconische vrouwen en m’n ongezond grote liefde voor Vlaanderen bovenop en je krijgt een cocktail waar maar één verslaving uit kon voortkomen: K3.
Ik weet nog precies waar het begon. Niet in een uitverkocht Sportpaleis of tijdens een hysterische meet & greet, maar heel casual in mijn Achterhoekse slaapkamertje. Karen, Kristel en Kathleen verschenen voor het eerst op de televisie bij Spott, een soort 5 Uur Show-light, maar dan met de productionele uitstraling van een buurtbarbecue. Dat maakte mij weinig uit. Ik keek toch naar die drie Belgische meiskes die liedjes hadden over alle kleuren van de regenboog, toveren en ander pedagogisch verantwoord geneuzel.
Met mijn zestien lentes op de teller zat ik officieel al ruim boven de doelgroep. Maar ja, sommige jongens hingen posters van Pamela Anderson boven hun bed. Ik koos voor drie vrouwen die in regenboogjurken over verdraagzaamheid en verliefd zijn op Leonardo DiCaprio zongen. Achteraf vielen er misschien toch al wat puzzelstukjes op hun plek.
Merchandise kocht ik overigens nooit. Zo fanatiek was ik nou ook weer niet. Daarnaast ging al m’n zuurverdiende geld op aan Titanic-spullen waar ik synchroon óók vol van was. Enfin, we dwalen af: ik had geen dekbedovertrek, geen broodtrommel en ook geen K3-tandenborstel. Maar ik kende wel ieder nummer uit mijn hoofd. En niet alleen het refrein hè. Ook die volstrekt overbodige tweede coupletten die niemand ooit onthoudt.
Tijdens mijn puberteit hield ik de liefde voor K3 angstvallig geheim. Doodsbang dat m’n klasgenoten me nóg minder serieus zouden nemen. Alsof dat überhaupt nog mogelijk was. Maar zodra ik begon met uitgaan bleek de complete gayscene K3 óók geadopteerd te hebben. En dus stond ik midden in de nacht in een zweterige club Toveren en Alle Kleuren mee te blèren alsof mijn leven ervan afhing. Dat was technisch gezien ook zo.
Ondertussen had ik een nichtje van een jaar of vijf en greep ik die kans om zogenaamd ‘voor haar’ alle concerten af te gaan. Net zoals ouders die alleen voor de kinderen naar Disneyland gaan. Uhuh. Ik speelde moeiteloos de hoofdrol in mijn eigen aflevering van Fans.
Toen ik later bij RTL Boulevard ging werken, ging er een compleet nieuwe wereld voor me open. Ineens kende ik de PR van Studio 100. En had ik goede kaarten. Er zijn mensen die hun contacten gebruiken om George Clooney te ontmoeten. Ik gebruikte die van mij om Karen, Kristel en (na het vertrek van Kathleen) Josje van dichtbij te kunnen zien.
Toen in 2015 Karen, Kristel en Josje het stokje overdroegen aan Hanne, Marthe en Klaasje, voelde dat oprecht alsof mijn jeugd officieel werd uitgezwaaid. Dramatisch? Zeker. Terecht? Ook dat. Inmiddels was ik zelf net vader geworden en probeerde ik het K3-virus liefdevol door te geven aan mijn zoon. Dat lukte wonderwel. Althans: hij ging mee naar alle shows. De ontmoetingen waren iets minder succesvol. Want waar ik straalde alsof ik eindelijk mijn natuurlijke habitat had gevonden, keek hij vooral alsof hij gegijzeld werd.
En toen gebeurde er dit jaar iets waarvan ik eerlijk gezegd dacht dat het nooit meer zou plaatsvinden. Een soort wereldwonder. Karen. Kristel. Kathleen. Samen. Weer op één podium. Ik ging uiteraard. Meerdere malen.
Ergens tussen Heyah Mama en Tele-Romeo besefte ik ineens dat ik me nergens meer voor schaamde. Niet voor mijn leeftijd. Niet voor mijn enthousiasme. Niet voor het feit dat ik als volwassen man met een grijns van oor tot oor tussen duizenden gillende fans stond. Sommige dromen hebben nu eenmaal een langere houdbaarheidsdatum dan je denkt. Het voelde als een prachtig slotakkoord.
Want hoewel K3 altijd een plekje in mijn hart houdt, is er maar één echte bezetting. De Originals. De rest is een beetje alsof je ‘n latte bestelt zonder cafeïne en met havermelk. Prima bedoeld, maar toch niet helemaal hetzelfde. Dus mochten Karen, Kristel en Kathleen zich ooit nog eens bedenken, dan zit ik uiteraard weer pontificaal op de eerste rij. Zonder gêne. Zonder excuses. Tot die tijd gaat mijn K3-fanschap officieel de koelkast in. Denk ik. Al heb ik Oya Lélé toevallig nog steeds in mijn favoriete afspeellijst staan op Spotify. Maar dat is puur vanwege de nostalgie natuurlijk.
:quality(85))
:quality(85))
:quality(85))